Plaatsing en onderhoud Thermowood

Thermowood is duurzaam en bestand tegen  rot. Met zeer weinig onderhoud blijft Thermowood mooi en kan u er jaren van genieten. Door de thermische behandeling verkrijg je een veel stabieler en duurzamer product, maar het betreft hier zeker geen dood hout. Het hout zal zoals hieronder beschreven wordt, nog steeds beïnvloed worden door regen, wind, vocht en UV-blootstelling.

Thermowood zal natuurlijk verouderen. Afhankelijk van de blootstelling aan licht kan een (zilver)grijze kleur bekomen worden. Dit proces start onmiddellijk en zal enkele maanden tot een jaar duren. Evenwel zullen schaduwzones anders vergrijzen wegens een tekort aan UV blootstelling. Het is best hiermee rekening te houden bij het kiezen voor gebouwen met bijvoorbeeld een dakoversteek.
Indien men de originele kleur langer wenst te bewaren of te herstellen raden we een regelmatig onderhoud met olie en onderhoudsproducten aan.

Het is belangrijk het oppervlak proper en vrij te houden van bladeren en andere zaken die vocht vasthouden.

Het morsen van vloeistoffen, vetten, maar ook nagels en hoge hakken kunnen vlekken en krassen maken op de oppervlakte. De meeste hiervan zullen na verloop van tijd terug vervagen en minder opvallend worden. Diepe krassen kunnen verminderd worden door zacht te schuren. Schuren zal de oorspronkelijke kleur terug zichtbaar maken welke na verloop van tijd opnieuw zal vergrijzen.

Vóór het installeren van Thermowood vragen we onderstaande stappen te volgen voor een correct resultaat.

 

Kleur

De kleur van Thermowood is niet bestand tegen UV-licht, maar vergrijsd hout is niet minder duurzaam. Om de originele kleur langer te behouden of te herstellen raden we een gepigmenteerde olie aan. Licht schuren zal de originele kleur ook (tijdelijk) terug brengen.

 

Kleurverschillen en vervorming

Kleurverschillen tussen planken kunnen voorvallen en zijn eigen aan een natuurlijk houten product. De vergrijzing kan bij verschillende planken aan een andere snelheid gebeuren afhankelijk van de hoeveelheid UV en regen waaraan deze worden blootgesteld.
De vervorming van Thermowood is aanzienlijk minder dan van onbehandeld hout, maar vervormingen kunnen nog steeds voorvallen. Een correcte installatie met afdoende ventilatie is hier cruciaal.

 

Opslag

Thermowood wordt bij voorkeur binnen opgeslagen, beschermd tegen regen en zon. Wanneer dit niet mogelijk is moet Thermowood steeds vrij van de grond bewaard worden. Gelijkmatig gestapeld en bedekt met een waterdicht zeil. Laat de uiteinden van dit zeil open zodat er geen vocht gevangen raakt in het pak.  Thermowood mag nooit, zelfs in originele verpakking, blootgesteld worden aan regen of vocht omdat het niet correct kan drogen wanneer opgestapeld en/of verpakt.

 

 

Barsten

Thermowood kan oppervlaktebarsten vertonen. Deze windbarsten zijn een natuurlijk fenomeen bij hout. De oppervlakte van correct geïnstalleerd hout zal altijd sneller zwellen en krimpen dan de kern. Hierdoor ontstaan barstjes tijdens het krimpen. Dit kan verschillen van plank tot plank.
Het geregeld olieën van Thermowood zal het ontstaan van deze oppervlaktebarsten helpen beperken.
Thermisch gemodificeerd hout is stabieler dan niet gemodificeerd hout, maar zal nog steeds vocht opnemen en afgeven langs blootgesteld kopshout waardoor kleine kopbarsten kunnen ontstaan. Deze kunnen beperkt worden door de koppen voor plaatsing te behandelen met een olie of sealer.

 

Houtsoorten

Houd er rekening mee dat er verschillen zijn tussen de thermisch gemodificeerde houtsoorten.

Hierbij geven we alvast graag enkele voorbeelden:

-          Thermisch gemodificeerd essen is meer gevoelig voor oppervlaktebarstjes dan thermisch gemodificeerd grenen/vuren. Moet voor terrassen steeds met de hartkant naar onder geplaats worden.

-          Thermisch gemodificeerd grenen en vuren is zachter en dus meer gevoelig voor krassen dan thermisch gemodificeerd essen

-          Thermisch gemodificeerd ayous heeft een meer open celstructuur en is meer gevoelig voor vervuiling. Wij raden hier het gebruik van een olie aan.

-          Thermisch gemodificeerd radiata pine is minder stabiel dan thermowood grenen/vuren en vereist voldoende ventilatie en meer uitzettingsruimte dan bv thermisch gemodificeerd grenen of vuren.

-          ….

Laat u aldus goed informeren.

 

Plaatsing Gevel

  1. Lattenwerk

    De dikte van de latten moet minstens 1,5 maal de dikte van de planchetten zijn, met een minimum van 30mm.

    De afstand tussen de latten zou beperkt moeten blijven tot 600mm.

    Bij gebruik van een bekleding met geringe dikte (tot 19mm) zou de tussenafstand begrensd moeten worden tot 400mm.
  2. Ventilatie

    Gevel:
    De luchtspouw moet minstens 15mm breed zijn.
    Aan de onder- en bovenzijde dient men een minimum opening te voorzien in functie van de hoogte van de gevel:

    - < 3m: 5mm
    - 3 tot 6m: 6,5mm
    - 6 tot 10m: 8mm
    - 10 tot 18m: 10mm

    Daarnaast moet men ook een goede ventilatie tussenin voorzien. Hiervoor dient men bij verticale gevelbekleding steeds een dubbel regelwerk te voorzien.

    Om het binnendringen van insecten, vogels of kleine knaagdieren in de luchtspouw te vermijden, is het aanbevolen om deze af te sluiten met een beschermingsrooster. Hierbij dient men er wel op toe te zien dat men de goede prestaties van de ventilatie niet in het gedrang brengt.
  3. Bevestigingsmiddelen

    De lengte van de nagels meet minstens 2,5 maal de dikte van de planchetten zijn.
    Bij het gebruik van schroeven moet dit 2 maal de dikte zijn.
    Gewoonlijk wordt een diameter van 3 tot 4mm aanbevolen.
    Gladde nagels en nieten zijn af te raden.

    Het is aangewezen (zeker bij zichtbare bevestiging) om gebruik te maken van een bevestigingssysteem uit roestvast staal type A2. (Of A4 aan de kust) 
  4. Bevestiging

    Het is raadzaam om tussen de planchetten een speling van minstens 2mm in acht te nemen om de dimensionale schommelingen van het hout niet in het gedrang te brengen.
    Tand- en groef modellen dienen steeds met de tand naar boven geplaatst te worden.

    Het kopse hout moet afgeschermd worden tegen een rechtstreekse blootstelling aan water, zonder evenwel de ventilatie ervan in het gedrang te brengen.
    Bij de aansluiting met andere bouwdelen dient men steeds een spouw van minstens 10mm te laten tussen de gevelbekleding en de aanpalende constructie.

Bron: Technische voorlichting 243 Gevelbekledingen uit hout en plaatmaterialen op basis van hout – WTCB

Plaatsing Terras

 

  1. Ventilatie:
    Het is noodzakelijk dat lucht kan circuleren onder het terras en er geen water blijft staan zodat de relatieve vochtigheid onder en boven het terras altijd min of meer gelijk is.
  2. Bevestiging:
    De afstand van de schroeven ten opzichte van de rand van de plank zou ten minste 20 mm moeten bedragen van de rand en 40mm van de koppen
    Voorboren wordt aangeraden en is bij Thermowood hardhoutsoorten noodzakelijk.
    Of gebruik een geschikt clips-systeem.

 

 

Copyright © 2018 Etablissementen Stevens en Co All rights reserved. Alle informatie is onder voorbehoud van prijswijzigingen, typefouten, vergissingen en marktontwikkelingen. De getoonde afbeeldingen zijn louter ter illustratie.